Nederlanders willen dat binnenstedelijke woningbouw niet ten koste gaat van ruimte voor werken. Woningbouw heeft echter wel prioriteit. Maar anders dan overheden vinden burgers dat er best nieuwe woonwijken buiten de stad mogen worden gebouwd.

Dat is een van de conclusies uit het onderzoek ‘Vestigingsklimaat en werken’ dat vakblad BT/Stadszaken.nl in samenwerking met de SKBN en USP Marketing Consultancy uitvoerde.

Het onderzoek dat afgelopen oktober plaatsvond, bestaat uit een publieksenquête die is afgenomen onder ruim 1.000 Nederlanders en een ondervraging van 110 gemeenteambtenaren en medewerkers van andere overheden en regionale ontwikkelingsmaatschappijen.

Ruimte voor werken: diffuus beeld

Rond fysieke ruimte voor werken ontstaat een diffuus beeld. 40% van de ondervraagde overheden is het eens met de stelling dat er een tekort aan locaties is waar bedrijven zich kunnen vestigen. 44% van de overheden is het echter oneens. BT/Stadszaken.nl-hoofdredacteur Jan Jager: ‘Dit verschil kan te maken hebben met de locatie in Nederland. Waar vrijwel overal een personeelsdruk wordt ervaren, is het tekort aan bedrijvenlocaties vooral een Randstedelijk probleem.

Andere opvallende uitkomsten uit het onderzoek ‘Vestigingsklimaat en werken’ is dat 50% van de ondervraagde overheden het niet acceptabel vindt als weilanden worden opgeofferd voor nieuwe woningbouw, als daarmee werklocaties voor de stad kunnen blijven behouden. Voor het grote publiek is behouden van ruimte voor werken minstens zo belangrijk. Slechts een kwart van de ondervraagde burgers vindt het onacceptabel als wonen naar buiten wordt verdrongen, als daarmee ruimte voor werken kan worden behouden in bestaand stedelijk gebied. Jan Jager: ‘Het publiek hecht blijkbaar sterk aan de nabijheid van werklocaties in stedelijke gebieden. En dan gaat het niet alleen om creatieve clusters en Zuidas-achtige werkmilieus, maar ook logistieke bedrijventerreinen en ruimte voor maakindustrie.’

Jager benadrukt dat werken en wonen elkaar niet hoeven uit te sluiten en vice versa. ‘De Crisis- en Herstelwet biedt meer mogelijkheden ogenschijnlijk tegenstrijdige functies te mixen wat soms zelfs leidt tot win-wins. Maar voor de vitaliteit van je stedelijke economie roep ik wel op tot terughoudendheid en om sommige gebieden te vrijwaren van woningvouw. Het is een opdracht aan gemeentebesturen om belangen zorgvuldig af te wegen.’

Wonen-werken: geen concurrentiestrijd

Over die belangenafweging: 41% van de ondervraagde vakprofessionals stelt dat wonen in zijn of haar gemeente voorrang krijgt op werken. 28% is neutraal. 26% van de ondervraagde vakprofessionals stelt dat wonen geen voorrang krijgt op werken.

Slechts 29% van de ondervraagde vakprofessionals is het eens met de stelling dat op een werklocatie geen wonen thuishoort.

Uit de publieksenquête blijkt waarom: 86% van de ruim 1.000 respondenten vindt dat de bouw van meer huizen in zijn of haar gemeente belangrijker dan de komst van meer bedrijven. Dit sentiment leeft het sterkst in het midden van het land. Dit verbaast Jager niets. ‘Wonen is een eerste levensbehoefte van mensen. Als het aanbod te wensen overlaat leidt dit terecht tot onvrede en frustratie. Voor de functie werken is dit een ongelijke strijd. Een strijd die wat mij betreft helemaal niet gevoerd hoeft te worden. Misschien moeten beleidsmakers en politici eens bij zichzelf te raden gaan en afvragen of er niet gewoon meer ruimte moet komen voor wonen. Als dit maar niet ten kosten gaat van werken. De economie is nog altijd het belangrijkste motief voor (jonge) mensen om zich ergens te vestigen. Wat heb je aan al die nieuwe huizen, als er geen werk meer is?’

Personeel belangrijk, personeelsaanbod gering

Opvallende uitkomsten van de enquête onder de vakprofessionals is dat zij in meerderheid aangeven dat bedrijven bereikbaarheid bovenaan de wensenlijks hebben staan bij de keuze om zich in een gemeente of regio te vestigen (92% belangrijk tot zeer belangrijk), op de voet gevolgd door beschikbaarheid van personeel (85% belangrijk tot zeer belangrijk) en de woon- en leefkwaliteit (77% belangrijk tot zeer belangrijk) in een gemeente of regio.

Bron: USP Marketing Consultancy

Als het om de praktijk van het aangeboden vestigingsklimaat zelf gaat, dan scoren bereikbaarheid en de woon- en leefkwaliteit relatief hoog (resp. 88% en 71% is positief tot zeer positief), maar blijkt de beschikbaarheid van personeel de meest knellende factor: slechts 51% van de geraadpleegde gemeenteambtenaren en andere overheden is positief tot zeer positief. De mismatch blijkt voor een deel kwalitatief van aard. Zo geeft 61% van de ondervraagde overheden aan dat zijn of haar gemeente of regio een tekort is juist gekwalificeerd personeel.

Ander vestigingsplaatsfactoren die hoog scoren zijn snel internet (70% belangrijk tot zeer belangrijk) en schaal- of agglomeratievoordelen (63% belangrijke tot zeer belangrijk). Daar achteraan komen ‘een duidelijk economisch profiel’ (55% belangrijk tot zeer belangrijk) en grondprijzen (54% belangrijk tot zeer belangrijk). Opvallend is dat duurzaamheid met 48% achteraan komt op de prioriteitenlijst.

‘Arbeidsmigrant hard nodig’

BT/Stadszaken-hoofdredacteur Jan Jager: ‘De uitkosten corresponderen met onderzoek van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) dat aantoonde dat slechts drie regionaal-economische factoren écht robuust zijn: een goed opgeleide beroepsbevolking, een goed woon- en leefklimaat en een goede bereikbaarheid. Personeel wordt als vestigingsplaatsfactor alleen maar belangrijker, zeker naarmate er meer de nadruk komt te liggen op kenniswerkers. Maar ook de behoefte aan vakmensen en personeel in de zorg is gigantisch, met name ook aan de flanken van het land die te kampen hebben met demografische krimp. De vraag hoe je talent bindt aan  regio moet prominent op de agenda staan, alsmede de vraag hoe je in huisvesting voor arbeidsmigranten voorziet. We zullen arbeidsmigranten hard nodig hebben.’

Leefkwaliteit omhoog door thuiswerken

Uit de publieksenquête blijkt dat 53% van de Nederlanders aangeeft dat zijn of haar leefkwaliteit door thuiswerken is verbeterd. Opvallend is ook dat de algehele tevredenheid met het werk toeneemt naarmate men meer dagen thuiswerkt. Zo beoordelen Nederlanders die nooit thuiswerken hun werk gemiddeld met een 7,7. Nederlanders die vijf dagen per maand thuiswerken geven hun werk gemiddeld een 8 en Nederlanders die tien dagen per maand thuiswerken beoordelen hun werk met een 8,5.

Er worden ook kanttekeningen geplaatst bij thuiswerken: zo geeft 33% van de respondenten aan dat ze hierdoor een mindere band met de collega’s hebben gekregen. Overigens is het wel opvallend dat thuiswerken minder gebeurd dan je zou verwachten. Ruim 50% geeft aan nooit thuis te werken. Het aantal dagen dat gemiddeld per maand wordt thuisgewerkt blijft met drie-en-halve dag per maand beperkt. In de regio Midden-Nederland waar de Randstad deel van uitmaakt wordt met bijna vier dagen per maand relatief veel thuisgewerkt. Ruim 8% van de respondenten geeft aan voornamelijk vanuit huis te werken.

Bereikbaarheid goed, 36% heeft flexplek

Een grote meerderheid van de Nederlanders pakt de auto om naar het werk te komen. De bereikbaarheid van het werk wordt gemiddeld beoordeeld met een 7,7. De fiets is met bijna 30% een opvallende tweede. Het openbaar vervoer scoort relatief laag, al zie je dat het openbaar vervoer in de regio midden met 16% relatief populair is.

Ruim 36% van de respondenten heeft een flexplek. Flexwerken op kantoor wordt ook door een meerderheid als positief ervaren al geeft wel ruim 25% van de respondenten aan zijn of haar eigen bureau te missen.

Klik hier om het volledige onderzoeksrapport van USP Marketing Consultancy, BT/Stadszaken.nl en de SKBN te ontvangen.

card image

Event

13-12-2018
Seminar toekomstbestendige bedrijventerreinen

Event

13-12-2018

Seminar toekomstbestendige bedrijventerreinen

Provincie Gelderland, Vakblad BT en SKBN nodigen u uit om mee te praten over strategie, rollen en instrumentaria bij het toekomstbestendig maken van bedrijventerreinen.

Op het Seminar toekomstbestendige bedrijventerreinen dat plaatsvindt op donderdagmiddag 13 december op Novio Tech Campus in Nijmegen, zal de provincie de eerste resultaten met u delen van een nulmeting onder Gelderse bedrijventerreinen rond toekomstbestendigheid.

MELD U HIER AAN

In 2019 wil de provincie de eerste concrete stappen zetten op weg naar toekomstbestendige bedrijventerreinen. SKBN en Provincie Gelderland nodigen u van harte uit mee te denken en als u niet uit Gelderland komt, de dagopbrengst mee terug te nemen naar uw eigen regio.

PROGRAMMA

13.00 uur
Inloop
 
13.30 uur
Opening
Rikus Wolbers, directeur Novio Tech Campus

13.40 uur
Introductie thema
Spreker volgt

14.00 uur
Beperkt houdbaar – Gelderse bedrijventerreinen langs de meetlat
Joost Hagens, Bureau Buiten

14.45 uur
Discussiesessies – van ambitie naar uitvoering
In drie parallelle sessies gaan belangrijke stakeholders met deelnemers in gesprek over een drietal thema’s: 

  • Rol/eigenaarschap: wie doet wat?

In deze parallelsessie gaan stakeholders met deelnemers in gesprek over ieders rol en verantwoordelijkheid. Wat verwachten we van elkaar en waar hebben we elkaar nodig?

  • Duurzaamheid als concurrentievoordeel?

Hoe verhouden economie en duurzaamheid zich? Is verduurzaming een moetje of is het onderdeel van de bedrijfsvoering om concurrerend te kunnen blijven?

  • Organisatiekracht

Collectiviteit wordt essentieel geacht voor toekomstbestendigheid. Hoe organiseer je collectiviteit op een (bestaand) bedrijventerrein?

16.00 uur
Plenaire wrap up
Tijdens een plenaire terugkoppeling wordt de opbrengst van de discussiesessies opgehaald en doorvertaald naar concrete input voor fase 2. Niet-Gelderse deelnemers kunnen de opgedane kennis meenemen naar hun eigen regio.

16.30 uur
Borrel

Lees verder
card image

Nieuws

Handboek geeft handvatten bij energieprojecten

Nieuws

06-07-2018

Handboek geeft handvatten bij energieprojecten

Tijdens het Duurzaamheidscafé op dinsdag 26 juni is het eerste regionale handboek voor de opwek van duurzame energie officieel gepresenteerd. Met dit handboek wil de regio Nijmegen – Arnhem inwoners en organisaties de weg wijzen als het gaat om duurzame energieprojecten. Oost NL ondersteunde de ontwikkeling van het handboek met een voucher van De Groeiversneller Energie. De Nijmeegse wethouder Harriët Tiemens neemt handboek in ontvangst.

 

Het handboek is een praktische handleiding met alle benodigde informatie, aangevuld met een gestandaardiseerde aanpak, checklists en lokale handvatten om potentiële projecten sneller op weg te helpen. De basis voor het handboek is de visie van de provincie op de energietransitie. Deze wil burgers, coöperaties, gemeenten en ondernemers stimuleren om lokaal meer duurzame energie op te wekken.

Versnelling van de energietransitie

Een belangrijk onderdeel binnen de energietransitie is het lokaal en regionaal opwekken van duurzame energie met wind- en zonprojecten. Het zijn veelal burgers die zich hebben verenigd in energiecoöperaties die zich hier sterk voor maken. Samenwerken aan de energietransitie creëert draagvlak, verankering in de regio en concrete resultaten in de vorm van duurzame energie.
 
Tegelijkertijd leveren duurzame projecten een structurele bijdrage aan de verbreding en versterking van de economie. De investeringen komen uit de regio, maar ook het rendement blijft in de regio. Zo ontstaat een lokale sociaal maatschappelijke energieketen die een duurzame energievoorziening dichterbij brengt. Dit draagt bij aan de versnelling van de energietransitie.


Praktijk blijkt ingewikkeld

Het handboek is een werkdocument voor het coöperatief realiseren van duurzame energieprojecten door burgers in de regio Nijmegen – Arnhem. In de praktijk blijkt dit vaak ingewikkelder te zijn dan in eerste instantie door enthousiaste initiatiefnemers wordt gedacht. De bedoeling van het handboek is om het voor burgers inzichtelijk en makkelijker te maken om hun eigen succesvolle duurzame energie opwek projecten te realiseren.
 
Ontwikkelingsmaatschappij Oost NL ondersteunt duurzame energieprojecten met het bouwen van een goede en haalbare business case. Jan Jonker, senior projectmanager Cleantech & Energy bij Oost NL: “We zien op dit moment enorm veel duurzame energie initiatieven opkomen vanuit de samenleving. Maar we zien ook dat de ervaring, kennis en kunde om hier goede business cases voor te maken vaak ontbreekt. Dit handboek geeft goede handvatten en relevante info. Projecten die langskomen kunnen wij hier goed mee helpen. De eerste belangstellenden hebben zich al aangediend.”
 
Het handboek is gerealiseerd door de werkgroep Energie opwek in het kader van Nijmegen Green Capital 2018, met behulp van een energievoucher van Oost NL (Ontwikkelingsmaatschappij Oost Nederland) en in samenwerking met Huismerk Energie, Izzy Projects, Stichting Wiek-II en Burgers Geven Energie. Burgerinitiatieven en belangstellenden kunnen het draaiboek aanvragen bij:
info@burgersgevenenergie.nl

Lees verder
card image

Nieuws

Twintigste huurder Brainport Industries Campus

Nieuws

11-07-2018

Twintigste huurder Brainport Industries Campus

Fieldlab Flexible Manufacturing vestigt zich op de Brainport Industries Campus in Eindhoven. Samenwerkende partijen gaan in dit lab productieprocessen flexibeler maken met behulp van robots. Het is een van de zeven projecten op de campus waaraan de provincie bijdraagt.

In het lab werken veertien bedrijven samen met kennisinstituten Fontys, Technische Universiteit Eindhoven, Avans en TNO. Zij willen volledig geautomatiseerde productieprocessen voor kleine series verbeteren. Op dit moment kost het opnieuw programmeren van robots nog veel tijd, en daarmee geld. De uitdaging is om dat te verbeteren om daarmee productie in kleinere series aantrekkelijker te maken.

Twintigste huurder

Het Fieldlab Flexible Manufacturing is de twintigste huurder op BIC. Het vestigt zich op 1 maart 2018 in de centrale ruimte van de campus. Drie personen gaan vast in het lab werken, aangevuld met tien tot vijftien medewerkers van de deelnemende partijen. In het lab worden proefopstellingen met productielijnen en robots geplaatst. De deelnemende bedrijven zijn: Bosch Rexroth, Bronkhorst High Tech, De Cromvoirtse, Neways, Smart Robotics, Omron, Vincitech, Yaskawa, Accerion, Assemblagebedrijf Perfect, Total Productivity, ICT Group KMWE en Festo. Penvoerder is Brainport Industries.

Slim produceren

Het Fieldlab Flexible Manufacturing is in 2016 begonnen. Tot nu toe vinden alle werkzaamheden verspreid over het land plaats, vooral bij de kennisinstituten en bedrijven. “Alle kennis en kunde komen nu samen in Brabant”, zegt gedeputeerde Bert Pauli van provincie Noord-Brabant. De provincie ondersteunt zeven innovatieprojecten op de Brainport Industries Campus, waaronder Fieldlab Flexible Manufacturing. “Deelnemende partijen kunnen daardoor nog efficiënter samenwerken en sneller resultaat boeken. Projecten als Fieldlab Flexible Manufacturing vergroten de concurrentiekracht van de sector en maken dat Brainport ook in de toekomst wereldspeler in industriële vernieuwing kan blijven.”

Brainport Industries Campus

De Brainport Industries Campus is een ontwikkel- en productielocatie voor bedrijven en kennisinstellingen in de hightechsector. De campus beslaat op termijn 200 hectare en bestaat uit vijf grote bedrijfsgebouwen. Elk gebouw biedt faciliteiten waarvan meerdere partijen gebruik kunnen maken. De inrichting kan eenvoudig worden aangepast aan de veranderende behoefte van gebruikers. BIC faciliteert haar huurders optimaal in samenwerking aan nieuwe productietechnieken. De campus is bovendien bedoeld om aan (internationale) bezoekers te tonen wat de maakindustrie in de regio te bieden heeft. Brainport Industries Campus wordt gerealiseerd door SDK Vastgoed namens VOF BIC in samenwerking met overheden en industrie.

Lees verder