Nieuws
Onderzoek: bedrijventerreinen slecht voorbereid op klimaatverandering
Onderzoek: bedrijventerreinen slecht voorbereid op klimaatverandering

70% van de Nederlandse bedrijventerreinen is slecht voorbereid op wateroverlast door klimaatverandering. Ook heeft 5 op de 6 terreinen een duidelijk tekort aan groen. Dat blijkt uit een analyse van Werklandschappen van de Toekomst, waarin voor het eerst alle 3.713 Nederlandse bedrijventerreinen zijn onderzocht op klimaat, gezondheid en biodiversiteit.Bedrijventerreinen zijn cruciaal voor de Nederlandse economie. “Bijna een derde van de Nederlanders werkt er, en ze zijn goed voor zo’n 40% van ons nationaal inkomen,” zegt Daphne Teeling, programmacoördinator van Werklandschappen van de Toekomst. “Als we ons land voorbereiden op klimaatverandering, mogen we de ruim 3.700 bedrijventerreinen dus niet over het hoofd zien.”Veel terreinen kwetsbaar voor wateroverlastUit de nieuwe Werklandschappenscan – gebaseerd op data van NL Greenlabel – blijkt dat 70% van de terreinen veel gebouwen bevat die kwetsbaar zijn bij extreme regenbuien. Wateroverlast kan daar leiden tot schade aan gebouwen en verstoring van vitale infrastructuur.Gemiddeld bestaat bijna de helft (48%) van een bedrijventerrein uit verhard oppervlak zoals tegels of asfalt, wat zowel wateroverlast als hitteproblemen versterkt. Vergroening – zoals bomen, struiken en waterdoorlatende materialen – kan deze risico’s beperken en zorgen voor meer verkoeling en betere wateropvang.Meer bomen en gevarieerde beplanting nodigOp dit moment heeft slechts 1 op de 6 terreinen voldoende bomen. Tussen regio’s bestaan grote verschillen: in Friesland en Drenthe kunnen medewerkers bij 1 op de 5 terreinen minstens drie grote bomen zien; in Zuid-Holland is dat bij nog geen 1 op de 12 het geval. Bomen zijn niet alleen essentieel in het voorkomen van waterschade, zicht op groen draagt ook aantoonbaar bij aan welzijn en productiviteit van werknemers.Voor biodiversiteit is meer variatie in beplanting nodig. Nu bestaat een gemiddeld terrein voor 4% uit struiken en heggen, in plaats van de aanbevolen 15%. “Met een mix van bomen, struiken en kruiden kunnen bedrijventerreinen uitgroeien tot belangrijke ecologische schakels tussen stedelijk groen en het buitengebied,” aldus Teeling.De nieuwe Europese Natuurherstelverordening verplicht lidstaten om vanaf 2030 het stedelijk groen en biodiversiteit meetbaar te vergroten. Teeling: “Bedrijventerreinen kunnen een flinke bijdrage leveren aan deze doelen, juist omdat hier nog veel ruimte is om te vergroenen.”Bedrijventerreinen zetten stappenOp verschillende plekken in Nederland zetten bedrijventerreinen al stappen richting een klimaatbestendiger inrichting. Zo telt het landelijke programma Werklandschappen van de Toekomst inmiddels 150 partnerterreinen.Bedrijven kunnen nu een nulmeting van de Werklandschappenscan op hun eigen terrein laten uitvoeren. In meerdere provincies kunnen bedrijventerreinen bovendien met de Groenstartvoucher tot 15.000 euro subsidie krijgen voor een groen- en waterplan. Op de website groengeeftenergie.nl kunnen bedrijven een aanvraag doen voor het aanplanten van heggen op hun terrein.DownloadsFactsheet met belangrijkste resultaten uit de Werklandschappenscan Overzicht per provincie van de score op de indicatoren (zoals verharding, wateroverlast, hittestress en hoeveelheid groen)

16-03-2026
Nieuws
Brabant: Maak je bedrijventerrein groener met de Groenstart voucher
Brabant: Maak je bedrijventerrein groener met de Groenstart voucher

Om de stap van een grijs bedrijventerrein naar een groenblauw werklandschap makkelijker te maken kunnen ondernemers en bedrijventerreinen in Noord-Brabant vanaf nu de Groenstart voucher aanvragen.Grijze bedrijventerreinen zijn kwetsbaar bij extreem weer. Steen en asfalt houden warmte vast, water kan minder makkelijk weg en bij droogte raakt ondergrond sneller beschadigd. Een toekomstbestendig terrein met slim waterbeheer en meer groen zorgt voor verkoeling bij hitte, minder wateroverlast na piekbuien en meer veerkracht in droge periodes. Bovendien levert het meer op dan klimaatwinst alleen: een gezondere, mooiere werkomgeving waar mensen graag werken en verblijven.Wat is de Groenstart voucher?Om de stap van een grijs bedrijventerrein naar een groenblauw werklandschap makkelijker te maken is de Groenstart voucherregeling gestart. Dit is bedoeld als financiële impuls voor ondernemers of parkmanagers om bijvoorbeeld experts mee te laten denken over ontwerp, samenwerking, haalbaarheid en investeringsplannen. De regeling wordt aangeboden vanuit een samenwerking tussen provincie Noord-Brabant en Werklandschappen van de Toekomst.Voor wie is de regeling?De Groenstart voucher is bedoeld voor een georganiseerde groep ondernemers op één bedrijventerrein. In Brabant kunnen aanvragen worden ingediend door:een ondernemersverenigingeen ondernemersstichtingminimaal 3 samenwerkende ondernemersIn Brabant kunnen gemeenten niet aanvragen. Wel kunnen ze natuurlijk meedenken en helpen organiseren. Bekijk alle voorwaarden in het loket.Wanneer kun je aanvragen?Het aanvraagloket is open van 26 februari tot en met 15 oktober 2026.Meer informatieAlle informatie over de Groenstart voucher vind je op de volgende pagina's:website van Werklandschappen van de Toekomstsubsidieloket van de provincie Noord-Brabant

26-02-2026
Nieuws
Provincie Zuid-Holland investeert fors: onder meer in bedrijventerreinen
Provincie Zuid-Holland investeert fors: onder meer in bedrijventerreinen

Provincie Zuid-Holland heeft € 142 miljoen vrijgemaakt om grote ambities te versnellen. Denk daarbij aan de woningbouw, het oplossen van netcongestie, versterking van het landelijk gebied en verbetering van het fietsnetwerk.“Het is fijn dat de Staten aan het laatste deel van deze bestuursperiode nog een extra impuls geven om aan een krachtig Zuid-Holland te werken”, aldus het college van Gedeputeerde Staten.Keuzes in samenhang verwevenDeze Investeringsagenda vloeit voort uit een amendement en motie uit juli 2025 die bij de Voorjaarsnota zijn aangenomen. Het versnellingsgeld komt uit de provinciale algemene reserve. Vanuit het college zijn 17 voorstellen aangedragen, die zijn beoordeeld op impact en of zij passen in de opdracht die voortkomt uit de motie, het amendement en het coalitieakkoord. Niet alles kan namelijk en niet alles hoeft tegelijkertijd. De voorstellen die het uiteindelijk niet hebben gehaald, worden ter overweging meegenomen richting de Voorjaarsnota 2026. Belangrijk in de afweging was dat de keuzes in samenhang met elkaar zijn verweven.Woningbouw komt immers alleen vooruit met bijvoorbeeld voldoende netcapaciteit en bereikbaarheid. Natuur-, landbouw- en waterdoelen moeten integraal onderdeel zijn van gebiedsontwikkeling. Duurzame economische groei vraagt om herstructurering van bedrijventerreinen, innovatiekracht en een robuust energienet. Een goed fietsnetwerk ondersteunt zowel verstedelijking als leefbaarheid waaronder in kleine kernen.Vanuit de Investeringsagenda is versnellingsgeld vrijgemaakt voor:Ontwikkelmaatschappij beter benutten bedrijventerreinen: 10 miljoen euroDe ruimte in Zuid-Holland is schaars en moet zorgvuldig worden gebruikt. Omdat ook de uitbreidingsruimte voor bedrijvigheid beperkt is, willen we bestaande bedrijventerreinen beter benutten. Door het investeringsbudget op te schalen naar € 20 miljoen kan de herstructurering sneller van start gaan. Het beter benutten van bedrijventerreinen levert naar verwachting 20% ruimtewinst op, helpt werkgelegenheid behouden, creëert plek voor een duurzame en circulaire economie en sluit aan op andere provinciale opgaven zoals mobiliteit, wonen en de energietransitie.Rotterdamse Haven – ruimte voor duurzame groei: 4,6 miljoen euroDeze investering versnelt de verkenning en de uitwerking van plannen binnen NOVEX Rotterdamse haven, zodat het beoogde doel - de haven transformeren tot een internationaal concurrerend, duurzaam en toekomstbestendig haven- en industriecomplex, in balans met de leefomgeving - sneller wordt gerealiseerd.Tegengaan netcongestie in Zuid-Holland: 16,6 miljoen euroDoor het tekort aan netcapaciteit stagneren woningbouw, verduurzaming en bedrijfsontwikkeling. Met deze investering maakt de provincie de bouw van nieuwe energie-infrastructuur sneller mogelijk en stimuleert het slimmer stroomgebruik en praktijkpilots voor netoplossingen. Dit doet de provincie aan de hand van vier projecten, zes pilots en een onderzoeksprogramma.De vier versnellingsprojecten zijn:Vliegende Brigade voor energie-infrastructuurprojecten (€ 3,6 miljoen),subsidieregeling voor energiemanagementsystemen voor bedrijven en maatschappelijke partijen (€ 3,9 miljoen),versterken van energiegemeenschappen (€ 4,9 miljoen),ondersteuning geothermie om onnodige elektrificatie te voorkomen(€ 0,8 miljoen).Daarnaast zijn er zes pilots om netcongestie-oplossingen in de praktijk te testen:pilot laagspanningsdata,pilot allianties voor netcongestie-oplossingen,pilot ontwerpwedstrijd voor trafohuisjes,pilot springfonds voor netcongestie,pilot monitoring van aquathermie,pilot energiebesparing in monumentaal vastgoed (samen € 1,1 miljoen).Tot slot is er een onderzoeksprogramma met vijf onderzoekslijnen om versneld kennis te ontwikkelen en verspreiden in het relatief nieuwe thema van netcongestie:versnelling realisatie energie infrastructuurgebiedsgericht ontwikkelennetbewuste maatregelendata en scenario modellenconcept- beleidsontwikkeling (samen € 2,1 miljoen)Groenblauwe Netwerk: 10 miljoen euroHet Groenblauw Netwerk is de drager voor een gezonde, klimaatrobuuste, recreatieve en biodiverse provincie. De provincie werkt aan het groenblauwe netwerk via de uitvoering van het Landschapspark. Dit doet zij op dit moment in vier gebieden: Vlietzone, Rotte, Schiezone en Getijdepark XL. Deze gebieden staan de komende jaren onder druk door woningbouw en recreatie. Het Groenblauw Netwerk draagt bij aan recreatieve en ecologische verbindingen tussen gebieden en over water, de opwaardering van bestaande recreatiegebieden, nieuwe groenblauwe verbindingen met (nieuwe) woonwijken en inpassing van benodigde energievoorzieningen in het landschap. Het geld wordt ook gebruikt voor projecten van gemeenten en waterschappen.Strategische Reserve Landelijk Gebied: 40 miljoen euroDe provincie werkt via het Zuid-Holland Programma Landelijk Gebied (ZH-PLG) met een gebiedsgerichte, integrale aanpak aan een vitaal landelijk gebied. Via gebiedsplannen wordt gewerkt aan het halen van doelen op water, natuur, stikstof, klimaat en landbouw. Om dat te realiseren is onder andere geld nodig. In de Investeringsagenda is daarom € 40 miljoen opgenomen om projecten die klaar zijn voor uitvoer snel verder te kunnen helpen. In het voorjaar zal duidelijk worden of en welke eerste concrete projectvoorstellen al kunnen starten.Versterking regionaal investeringskapitaal start-ups, scale-ups en innovatief mkb: 30 miljoen euroMet deze kapitaalinjectie van € 30 miljoen in IQ Capital en UNIIQ wil Zuid-Holland de regionale investeringskracht versterken. Hierdoor blijft vroegfasefinanciering beschikbaar, kunnen meer innovatieve start-ups, scale-ups en mkb-bedrijven doorgroeien en wordt de hefboomwerking richting het ministerie van Economische Zaken, gemeenten, kennisinstellingen en private investeerders benut. Deze investering versterkt bovendien de positie van Zuid-Holland in Europa, creëert een gelijker speelveld met andere regio’s en versnelt de ontwikkeling van cruciale technologieën.Aanvullend budget realisatie woningbouw: 19 miljoen euroVanaf 2027, en mogelijk zelfs al eerder, is het beschikbare budget te laag om het vastgestelde programma Realisatie Woningbouw uit te voeren. Door nu een incidentele toevoeging te reserveren, wordt de continuïteit van subsidies en ondersteuning gewaarborgd die bijdraagt aan de realisatie van sociale en betaalbare woningen. Zowel gemeenten als corporaties kunnen bijvoorbeeld subsidies aanvragen waarmee ze capaciteit kunnen inhuren om hun plan vooruit te helpen.Aanpak knelpunten (hoofd-) fietsnetwerk: 10 miljoen euroOmdat het aantal inwoners in Zuid-Holland blijft groeien, is het belangrijk om het netwerk van fietspaden flink te verbeteren. Het wegennet biedt namelijk nauwelijks ruimte voor uitbreiding en gaat veel onderhoud gaat krijgen, terwijl de fiets voor veel mensen een goed alternatief is. Met deze investering kunnen doorfietsroutes als de Velostrada en de Beneden Merwederoute sneller, aantrekkelijker en veiliger worden gemaakt. Hiernaast kunnen 20 kruispunten door de hele provincie veiliger gemaakt worden. Zo zorgen we voor betere bereikbaarheid, betere duurzaamheid en halen we druk van het wegennet.Uitvoering Actieplan Geluid (stil asfalt): 1,5 miljoen euroDoor extra te investeren in de uitvoering van het Actieplan Geluid, kunnen we sneller zorgen voor het verminderen van geluidsoverlast langs provinciale wegen. Bijvoorbeeld door stil asfalt aan te brengen. Deze investering helpt daarmee het invoeren van scherpere regels en richtlijnen voor de hoeveelheid geluid die door provinciale wegen mag ontstaan.Aansluiting N215 – N498: 0,5 miljoen euroWe verwachten dat het de komende jaren drukker wordt op de kruising van de N215 en de N498. Daarom wordt de capaciteit van de kruising vergroot, en wordt deze ingericht als een kruising met verkeerslichten. Om de verkeersveiligheid en bereikbaarheid te vergroten wordt ook een fietspad en -oversteek aangelegd.

26-02-2026
Nieuws
Ontwikkelingsmaatschappij Midden-Limburg ontvangt BREEAM-NL Gebied-certificaat voor Bedrijvenpark Zevenellen
Ontwikkelingsmaatschappij Midden-Limburg ontvangt BREEAM-NL Gebied-certificaat voor Bedrijvenpark Zevenellen

Duurzaam Multifunctioneel Bedrijvenpark Zevenellen heeft het certificaat BREEAM-NL Gebied ontvangen. Het gebied behaalde hierbij de score Excellent (4 sterren). Deze beoordeling laat zien dat in de ontwikkeling van Bedrijvenpark Zevenellen structureel aandacht is besteed aan duurzaamheid, samenwerking en kwaliteit van de leefomgeving. De certificering is toegekend aan Ontwikkelingsmaatschappij Midden-Limburg (OML), die verantwoordelijk is voor de gebiedsontwikkeling van het noordelijke gedeelte van Zevenellen.BREEAM-NL Gebied is een beoordelingsmethode voor duurzame gebiedsontwikkeling. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar energie en milieu, maar ook naar thema’s als gezondheid, economie, samenwerking, leefkwaliteit en maatschappelijke waarde. Voor Zevenellen betekent dit dat duurzaamheid geen los onderdeel is, maar is meegenomen in de planvorming, inrichting en samenwerking met betrokken partijen.Toekomstbestendig gebiedJohn Giesen, gebiedsontwikkelaar bij OML: “We ontwikkelen hier niet alleen een bedrijventerrein, maar een toekomstbestendig gebied waar ondernemerschap, leefkwaliteit en duurzaamheid elkaar versterken. Dat doen we samen met ondernemers, overheden en de omgeving, en het resultaat van samenwerking zie je nu terug in deze certificering.”Aandacht voor omgeving en leefbaarheidHet bedrijvenpark Zevenellen ligt in het buitengebied van de gemeente Leudal en staat in de belangstelling van omwonenden en andere betrokkenen. In de ontwikkeling is daarom nadrukkelijk aandacht voor landschappelijke inpassing, verkeersveiligheid, natuur en leefbaarheid. Wethouder Jan den Teuling van de gemeente Leudal: “Zevenellen creëert ruimte voor ondernemerschap en biedt perspectief voor de hele regio Midden-Limburg. Dit certificaat laat opnieuw zien dat er veel aandacht is voor de kwaliteit van de leefomgeving. We vinden het belangrijk dat een economische ontwikkeling zorgvuldig gebeurt en in balans is met de omgeving en hoe we die balans kunnen bewaken, samen met partners en de omgeving.”Sterke score op samenwerking en maatschappelijke waardeZevenellen behaalde binnen BREEAM-NL Gebied een goede score op onder meer samenwerking en maatschappelijke waarde. Dit komt voort uit de manier waarop OML samenwerkt met overheden, ondernemers en andere belanghebbenden, en hoe duurzaamheid is verankerd in het ontwikkelproces. Denk bijvoorbeeld aan de Groene Long, het ecologisch gebied op Zevenellen en de synergie tussen bedrijven waardoor koppelkansen ontstaan. Hiermee behoort Zevenellen tot de koplopers op het gebied van duurzame gebiedsontwikkeling in Limburg.  Maikel de Laat, projectmanager BREEAM-NL Gebied bij de Dutch Green Building Council: “Met deze BREEAM NL Gebied certificering wordt bevestigd dat duurzaamheid structureel is verankerd in de gebiedsontwikkeling van Zevenellen. Een voorbeeld hiervan is de manier waarop ruimtelijke structuur, fasering en gezamenlijke afspraken tussen partijen zijn vastgelegd binnen het certificeringskader.” Bedrijvenpark in ontwikkelingZevenellen biedt ruimte aan bedrijven die passen binnen het profiel van het gebied, zoals circulair en biobased ondernemen, opslag en regionaal midden- en kleinbedrijf. De ontwikkeling van het bedrijvenpark vindt gefaseerd plaats, met blijvende aandacht voor kwaliteit, duurzaamheid en inpassing in de omgeving.Foto: OML B.V.

25-02-2026
Nieuws
Woningbouw in Hamerkwartier gaat door na deal met Ketjen
Woningbouw in Hamerkwartier gaat door na deal met Ketjen

Amsterdam maakt van het oude bedrijventerrein Hamerkwartier een gemengde wijk met woningen, bedrijven, scholen en horeca- en sportvoorzieningen. Dankzij een overeenkomst met het aangrenzende chemiebedrijf Ketjen kan worden begonnen met die transformatie.Amsterdam heeft een groot tekort aan woningen. Het is voor bijna iedereen lastig om aan een huis te komen en de druk op de bestaande woningen is groot. In het Hamerkwartier in stadsdeel Noord werken we al jaren aan woningbouw. Maar dat liep vertraging op, mede door uitspraken van de Raad van State over de omgevingsplannen.Wonen naast industrie complexWonen naast industrie is complex. Er gelden andere veiligheidszones en milieuregels. Chemiebedrijf Ketjen voldoet aan alle regels en eisen die in de wet en de huidige vergunning staan. Maar die eisen en regels zijn onder meer gebaseerd op een veilige afstand tussen woningen en de fabriek. Om woningbouw bij het bedrijf mogelijk te maken, oordeelde de Raad van State dat we de belangen van Ketjen beter moesten afwegen. Dat heeft Amsterdam dan ook gedaan.Nieuwe afsprakenAmsterdam heeft met Ketjen afgesproken dat:het bedrijf samen met de gemeente investeert in extra maatregelen, onder meer op het gebied van veiligheid en geluid;de woningen op meer afstand van het bedrijf worden gebouwd;Ketjen afziet van verdere juridische procedures tegen de woningbouw.Ontwikkeling van startDe afspraken zijn opgetekend in een vaststellingsovereenkomst. Zonder deze overeenkomst had de bouw opnieuw jaren vertraging kunnen oplopen. Maar nu kan de ontwikkeling van 6.500 woningen in het Hamerkwartier echt van start. De gezamenlijke investering zorgt voor een veilige en fijne leefomgeving voor de nieuwe bewoners én toekomst voor Ketjen.Beginnen in de HamerkopEr wordt begonnen in deelgebied de Hamerkop. Daarvoor ligt inmiddels een aangepast stedenbouwkundig plan waarbij de nieuwbouw iets verder naar achteren is geplaatst ten opzichte van Ketjen. Er komen 1.200 woningen, waarvan:30 procent sociale huur30 procent middeldure huur40 procent vrije sectorDe Storkhal blijft behouden, net als de bestaande horeca en sportvoorzieningen. Ook bedrijventerrein Zamenhof blijft nog minimaal 15 jaar bestaan.100 jaar industrieKetjen is een chemisch bedrijf dat al decennialang in het Hamerkwartier gevestigd is. Het bedrijf maakt katalysatoren waardoor brandstoffen op een duurzame manier kunnen worden geproduceerd en gebruikt. Dat helpt bij de energietransitie. En daarmee ondersteunt Ketjen een duurzame toekomst.Meer wetenWil je meer weten over de transformatie van het Hamerkwartier? Kijk dan op Hamerkwartier: van bedrijventerrein naar woon-, werk- en leefgebied.

20-02-2026
Nieuws
Rotterdam keert dalende trend: 71.000 m² méér bedrijfsruimte
Rotterdam keert dalende trend: 71.000 m² méér bedrijfsruimte

Door het beperken van transformaties, in combinatie met het stimuleren van uitbreiding en subsidies voor maakindustrie, is de voorraad bedrijfsruimte in Rotterdam afgelopen bestuursperiode met bijna 71.000 m² gegroeid. Daarmee heeft het stadsbestuur de aan zichzelf opgelegde doelstelling voor behoud van bedrijfsruimte gehaald.In het ‘Collegetarget Bedrijfsruimte’ uit 2022 staat dat de voorraad bedrijfsruimte tot 2026 minimaal op hetzelfde niveau moet blijven als in 2022: 4.269.525 m² bruto vloeroppervlakte (bvo). Daarmee was Rotterdam de eerste stad in Nederland die een expliciete doelstelling formuleerde voor het behoud van bedrijfsruimte. De teller stond op 1 november op 4.335.128 m² bvo. Dat is 70.657 m² meer dan in 2022, aldus de ‘Eindverantwoording 2022 – 2026’, waarin het college van Leefbaar Rotterdam, VVD, D66 en DENK haar eigen prestaties langs de meetlat legt.Actieplan BedrijfsruimteHet positieve saldo is vooral te danken aan het beperken van transformaties van bedrijfspanden en -locaties naar woningen. Grote, maar ook veel kleinere onttrekkingen zijn tegengehouden. Alleen al ‘op Zuid’ gaat dit om ruim 100.000 m². Daarnaast is nieuwbouw van bedrijfsruimte en uitbreiding gestimuleerd, met onder meer subsidie voor maakbedrijven en andere maatregelen uit het Actieplan Bedrijfsruimte, waarmee het college de bedrijfsruimtedoestellingen ondersteunde.Industrieel (mede)gebruikEen concreet voorbeeld is het besluit van het college van B en W om ruimte voor economie terug te brengen op het vrijgekomen voormalige Hunter Douglas-terrein op het Eiland van Feijenoord op Rotterdam-Zuid. De gemeente heeft ingestemd met herontwikkeling, onder voorwaarde dat er minimaal 33.000 m² bedrijfsruimte terugkomt, waarvan minimaal 18.000 m² in milieucategorie 3.1 of hoger. ‘Hunter Douglas’ wordt als grote trendbreuk in stedelijk beleid gezien, in elk geval in Rotterdam. Waar de afgelopen decennia de meeste voormalige haven- en fabrieksterreinen op Zuid werden getransformeerd naar woningbouw, wordt hier bewust gekozen voor behoud van industrieel (mede)gebruik. De ruimte is bedoeld voor de maritieme maakindustrie. ‘Deze sector is van vitaal belang voor zowel de Rotterdamse als de nationale economie’, aldus de gemeente.Banen voor Rotterdammers‘We hebben als college een duidelijke economische koers gekozen: ruimte voor Rotterdamse ondernemers. Die aanpak werkt. Rotterdam is de eerste gemeente die haar doel voor bedrijfsruimte heeft vastgesteld én gehaald en daarmee de neerwaartse trend keerde’, zegt wethouder Robert Simons. Bron: BT Online.nl

11-02-2026
Nieuws
Gemeente Helmond en provincie kopen vastgoed Automotive Campus
Gemeente Helmond en provincie kopen vastgoed Automotive Campus

De provincie Noord-Brabant en de gemeente Helmond willen het vastgoed van de Automotive Campus overnemen van Bouwbedrijf Van de Ven. Met de voorgenomen aankoop krijgt de campus één publieke eigenaar. De voorgenomen aankoop past in een bredere trend van overheden die strategisch campusvastgoed zelf in bezit nemen.De gemeente Helmond en de provincie Noord-Brabant hebben een intentieovereenkomst gesloten met Bouwbedrijf Van de Ven over de voorgenomen aankoop van het vastgoed op de Automotive Campus in Helmond. Als de overname doorgaat, komt de campus volledig in publieke handen. De aankoop is nog afhankelijk van een due diligence-onderzoek en goedkeuring door de gemeenteraad van Helmond, Provinciale Staten en de directie van het bouwbedrijf.De gebouwen op de campus zijn momenteel eigendom van Bouwbedrijf Van de Ven uit Veghel. Het bedrijf heeft de campus in ongeveer vijftien jaar tijd ontwikkeld tot een internationaal opererende innovatieomgeving op het gebied van mobiliteit en automotive. De omliggende gronden zijn al in bezit van de gemeente en de provincie. Met de aankoop van het vastgoed ontstaat één publieke eigenaar die zowel grond als gebouwen in handen heeft.Niet op financieel rendement sturenVolgens het Eindhovens Dagblad (ED) speelt bij de aankoop nadrukkelijk de wens om ongewenste (buitenlandse) investeerders buiten de deur te houden. Gemeente en provincie willen voorkomen dat het vastgoed in handen komt van een partij die primair op financieel rendement stuurt. Daarbij bestaat volgens hen het risico dat functies als onderwijs, start-ups en onderzoeksactiviteiten onder druk komen te staan als maximale winst leidend wordt.De afgelopen periode hebben de drie partijen verschillende constructies onderzocht om de campus verder te ontwikkelen. Er is langdurig gesproken over samenwerking tussen publieke partijen en het bouwbedrijf. Uiteindelijk bleek een gezamenlijke structuur volgens betrokkenen te complex. Ook speelde de vraag wat er op termijn met het vastgoed zou gebeuren als het in private handen zou blijven. ‘We hadden vertrouwen in een samenwerking met Van de Ven. Fundamentele bedenkingen hadden we over wat er daarna kan gebeuren: wat als zij de campus verkopen? Daar liep het vast’, aldus Brabants gedeputeerde Stijn Smeulders in het ED.Directeur Frank van de Ven zegt dat hij bereid is het vastgoed te verkopen aan de publieke partijen en dat hij andere geïnteresseerde kopers heeft geweigerd. Hij stelde dat continuïteit van de campusontwikkeling voor hem belangrijker was dan het behalen van de hoogste prijs.Invloedrijke campusDe Automotive Campus geldt als een van de economische pijlers van Helmond. Automotive is, naast Food(tech) en hightechsystemen en materialen (HTSM), een van de drie topsectoren in het economisch beleid van de stad. Op de campus werken bedrijven, onderwijsinstellingen en onderzoeksorganisaties samen aan vraagstukken rond onder meer elektrificatie, digitalisering, veiligheid en verduurzaming van mobiliteit. De campus behoort volgens betrokken partijen tot de twintig meest invloedrijke campussen van Nederland.Wethouder Martijn de Kort (Economische Zaken) spreekt in een toelichting op LinkedIn over een volgende fase in de ontwikkeling van de campus, waarbij het doel is om “grip te houden en te vergroten op de ontwikkeling en richting” van de locatie. Hij wijst op het belang van een ecosysteem waarin onderwijs, ondernemers en overheden samenwerken en waar ruimte is voor zowel start-ups als gevestigde bedrijven. De aankoop moet volgens hem bijdragen aan een stabiele basis voor verdere groei.Campusvastgoed in overheidshandenDe stap van Helmond en de provincie past in een bredere ontwikkeling waarbij overheden vaker strategisch campusvastgoed in eigendom nemen. Op deze website werd vorig jaar al gesignaleerd dat campusvastgoed steeds vaker in publieke handen komt om maatschappelijke belangen en langetermijnontwikkeling te borgen. Campussen worden daarbij gezien als economische infrastructuur met een publieke functie, vergelijkbaar met andere strategische voorzieningen.Een recent voorbeeld is de Brainport Industries Campus (BIC) in Eindhoven. In maart 2025 werd cluster 1 van deze campus officieel overgedragen aan de gemeente Eindhoven, nadat de gemeenteraad had ingestemd met de aankoop van de Britse eigenaar Capreon. Met de overname wilde Eindhoven meer invloed krijgen op de strategische ontwikkeling van de campus en publieke functies, zoals onderwijs, veiligstellen. De Brainport Industries Campus huisvest meer dan veertig bedrijven, onderwijsinstellingen en onderzoeksorganisaties en speelt een belangrijke rol in het hightech maakindustrie-ecosysteem van de regio.Koopsom onbekendDe aankoop van campusvastgoed door overheden roept ook vragen op over risico’s en rendement. De betrokken bestuurders in Helmond en Noord-Brabant stellen dat het om een strategische investering gaat, maar doen nog geen uitspraken over de koopsom. Volgens hen moet de campus zich op termijn financieel kunnen bedruipen. De provincie heeft ervaring met deelnemingen in andere campussen, waar vergelijkbare constructies zijn toegepast.De komende maanden worden gebruikt voor verdere financiële, juridische en organisatorische uitwerking. Pas na afronding van het onderzoekstraject volgt formele besluitvorming. Als de betrokken bestuursorganen instemmen, krijgt de Automotive Campus één publieke eigenaar en sluit Helmond zich aan bij andere steden waar campusvastgoed wordt beschouwd als strategische economische infrastructuur die onder publieke regie wordt gebracht.Bron: BT Online.nl

11-02-2026

KENNISARCHIEF

Aanmelden nieuwsbrief