SKBN gaat weer op digitale tour! De komende tijd reizen we met ons busje langs De Binckhorst (Den Haag), Industriepark Kleefse Waard (Arnhem) en Greenport Venlo (Venlo) om een kijkje in de keuken te krijgen. En dat alles in het teken van de Strijd om de Ruimte. Want hoe maken we juist op werklocaties ruimte voor energietransitie, wonen en klimaatbestendigheid?

Kijk hier de uitzending terug: 

 

Bedrijventerreinen komen vanuit verschillende perspectieven in het nauw. De ruimte in Nederland wordt steeds schaarser, en staat er een enorme woningbouwopgave klaar. Daarnaast is er een klimaatopgave die ruimte opeist en wordt de logistieke operatie rondom bedrijvigheid steeds gecompliceerder. Hoe krijgen werklocaties toch de ruimte die ze verdienen? Vanuit drie verschillende perspectieven (woningmarkt, logistiek en energietransitie) laten we met aansprekende projecten zien hoe het wél kan. 

Tijdens de uitzending op 24 maart verschenen bovendien verschillende experts zoals Cees-Jan Pen, Gerlof Rienstra, Nicole Maarsen en Paul van Dijk hun licht op welke kansen er liggen voor bedrijventerreinen én gaven ze adviezen voor de nieuwe gemeenteraden. 

 

Event
Groene Gezonde Bedrijventerreinen Estafette in Flevoland
Groene Gezonde Bedrijventerreinen Estafette in Flevoland

SKBN, Steenbreek en Werklandschappen van de Toekomst nodigen je mede namens de provincie Flevoland van harte uit voor een inspirerende middag bij het Proeflokaal in Almere. In Flevoland werken zes gemeenten actief aan het herstructureren en intensiveren van bestaande bedrijventerreinen, ondersteund door verschillende provinciale trajecten. Tijdens deze bijeenkomst deelt de gemeente Noordoostpolder haar aanpak binnen het programma Werklandschappen van de Toekomst. Hoe wordt de stap gezet naar vergroening? Hoe worden economische ruimte, klimaat en natuur gecombineerd? En wat vraagt dit van interne samenwerking en commitment?Daarnaast gaan we in een interactieve workshop in op de verschillende stakeholders binnen bedrijventerreinen en hun rollen en belangen. Zo ontstaat een compleet beeld van wat nodig is om te komen tot toekomstbestendige, gezonde en groene werklandschappen. De urgentie is groot. Uit recent onderzoek blijkt dat 70% van de Nederlandse bedrijventerreinen onvoldoende voorbereid is op wateroverlast door klimaatverandering. Bovendien heeft 5 op de 6 terreinen een tekort aan groen. Tijdens deze middag krijgt u concrete inzichten, praktijkvoorbeelden en handvatten om zelf aan de slag te gaan in je eigen regio. Het aantal plaatsen is beperkt tot 50 deelnemers. Meld je daarom tijdig aan.Programma13.00 | Inloop met koffie en thee13.30 | Welkom door moderator Margot Ribberink en Erik-Jan van Dijk, senior adviseur Ruimtelijke Economie bij provincie Flevoland.Over het traject dat de provincie doorloopt met en voor haar zes gemeenten om tot groene, toekomstbestendige bedrijventerreinen te komen.13.40 | De aanpak van Nagelerweg, gemeente Noordoostpolder. Hoe kom je tot een juiste aanpak, hoe ga je van start?Gemeente Noordoostpolder is recent gestart als ambassadeursterrein binnen het programma Werklandschappen van de Toekomst. Hoe begin je als gemeente, in samenwerking met de ondernemers, en wat heb je daarbij nodig? Wat heeft de gemeente gedaan, óók intern. Er wordt gewerkt aan een Transitieplan, hoe ziet dat eruit? En op welke manier heeft het programma hen op weg geholpen? We kijken met 3 stakeholders in deze aanpak wie welke rol heeft, en wat het vergt om daadwerkelijk aan de slag te gaan. Inclusief gesprek met de zaal.14.15 | Aan de slag met hulp van IVN FlevolandSamen met landschapsbeheer Flevoland heeft IVN Flevoland een concreet project- en handelingsperspectief voor gemeenten om samen met bedrijven aan de slag te gaan met de aanplant van heggen en eetbare buitenlunch plekken. Uitgevoerd door hun eigen medewerkers als bedrijfsactiviteit. IVN biedt bedrijven advies over plantmateriaal, financiering en ondersteuning in aanplant.Lourens Formsma, IVN Flevoland14.25 | Korte pauze14.45 | Workshop: Samen naar een groen resultaatWorkshop in drie groepen o.l.v. Idverde. Concreet aan de slag met vergroening op bedrijventerreinen. Wie heeft welke rol en hoe kom je tot een groen resultaat?15.45 | Inspelen op een groene behoefteWaar zit de intrinsieke motivatie van ondernemers, en hoe kun je dat stimuleren met beleid?Hugo Kranenburg, directeur Stichting Greendustry16.00 | Samenvatting en afronding door moderator.16.15 | BorrelFacts&FiguresWat >> Estafettetop FlevolandWanneer >> Donderdag 25 juniTijdstip >> 13.00 - 16.30 uur (inclusief borrel) Locatie >> Het Proeflokaal in Almere, Arboretum West 100, 1325 WB AlmereDoelgroep >> dit programma is bestemd voor vertegenwoordigers van medeoverheden, ondernemers en parkmanagers. Andere geïnteresseerden komen op de wachtlijst te staan.Meld je aan

25-06-2026
Opinie
'Zie bedrijventerreinen niet langer als geïsoleerde zones’
'Zie bedrijventerreinen niet langer als geïsoleerde zones’

Bedrijventerreinen moeten niet langer uitsluitend worden bekeken als afgebakende werkgebieden met een functionele of logistieke rol. Volgens Karel Van den Berghe, planoloog en universitair hoofddocent ruimtelijke planning en stedelijke ontwikkeling aan de TU Delft, vraagt de veranderende economie om een bredere blik op de rol van deze gebieden.‘Van oorsprong zijn bedrijventerreinen een organisatorisch, topografisch en defensief concept, het gaat om zoveel vierkante meters, zoveel banen en zoveel milieuruimte’, zegt Van den Berghe.  Lange tijd was dat volgens de universitair hoofddocent - en lid van de Adviesraad van SKBN - een logische manier om economische functies ruimtelijk te ordenen. Maar die manier van kijken past volgens hem steeds minder goed bij de economische werkelijkheid van nu. Ook in het ruimtelijk debat worden bedrijventerreinen volgens hem nog vaak te beperkt benaderd. ‘Bedrijventerreinen worden vaak vergeten of puur technisch en logistiek ingestoken, en komen als laatste aan bod bij het bedenken en ontwerpen van stedelijke en regionale systemen’, zegt hij.  Daarmee raken ze gemakkelijk op de achtergrond in discussies over woningbouw, gemengde gebieden en stedelijke ontwikkeling. Historisch gegroeid perspectief De planoloog plaatst die onderwaardering nadrukkelijk in een historische context. Volgens hem is het klassieke denken over bedrijventerreinen sterk verbonden met het economische tijdperk waarin nationale economieën en sectoren centraal stonden.  ‘Veel concepten die we vandaag gebruiken, hebben een origine in verschillende momenten in deze verschillende tijdperken.’  ‘Tijdens Bretton Woods, met naties als dominante organisatie, was het handig om vergelijkingen tussen deze naties en activiteiten te maken. Hieruit komen de concepten van bruto nationaal product en “economische sector”.’ Het brede gebruik van bedrijventerreinen kwam volgens Van den Berghe pas echt op gang vanaf de jaren zeventig, toen de globalisering op stoom kwam.  ‘Om deze groei in economie te sturen, werden bedrijventerreinen een essentieel planologisch instrument om deze te bundelen, op zoek naar agglomeratievoordelen en specialisatie, en vooral het beheersen van externe factoren, zoals logistiek, lawaai of geur.’ In die zin waren bedrijventerreinen tegelijk aanjager en beheersinstrument van economische groei. Volgens de universitair hoofddocent aan de TU Delft veranderde dat tijdens de periode van hyperglobalisering ingrijpend. Nederland wist zich sterk te positioneren in handel, logistiek en internationale dienstverlening.  ‘Voor de immateriële diensten zijn het best gekend de gebiedsontwikkelingen Amsterdam-Zuid of de Kop van Zuid in Rotterdam’, zegt hij.  ‘Op het andere aspect was er geen plek in de wereld die zo goed zijn havens en infrastructuur uitbouwde om de enorme groei van logistiek tijdens hyperglobalisatie te accommoderen.’ Die ontwikkeling had ook gevolgen voor de positie van bedrijventerreinen buiten de grote logistieke en stedelijke knooppunten.  ‘Bedrijventerreinen, althans die buiten de havens, werden steeds minder belangrijk. De bedrijventerreinen, en al zeker die in of nabij grote steden, die tijdens hyperglobalisatie wel nog overbleven, daarvan kan men vandaag stellen dat die het volhielden ondanks en niet dankzij de ruimtelijke ordening.’Bedrijventerrein als schakel Volgens de TU Delft-onderzoeker is dat oude perspectief nog steeds zichtbaar in de manier waarop bedrijventerreinen vandaag worden benaderd.  Ook nu ziet hij dat terreinen in en nabij steden geregeld worden herontwikkeld vanuit een discours van creativiteit, menging of circulariteit, maar dat de uitkomst vaak vooral residentieel of commercieel is. ‘Eerst met het “omarmende” of “zalvende” discours van “creatief”, “woon/werk milieus”, “circulair” of “gemengd ontwikkelen”, maar in realiteit vaak toch wel overwegend richting residentieel en commercieel landgebruik.' Tegelijk vindt de van origine Vlaming dat juist nu een andere blik nodig is. Volgens hem leven we in een periode waarin deglobalisering, geopolitieke spanningen en kwetsbare ketens de economie veranderen. Dat betekent volgens de planoloog niet het einde van het bedrijventerrein. ‘Integendeel’, zegt hij, juist een herwaardering ervan.‘Bij veel herontwikkelingen van bedrijventerreinen in of nabij grote steden zie je nu al dat ze moeilijk bereikbaar, betaalbaar en afrondbaar zijn. En de grote schokken moeten waarschijnlijk nog komen.’ Van den Berghe benadrukt met name dat bedrijventerreinen niet als losse locaties moeten worden gezien, maar als onderdelen van een groter systeem.  ‘We moeten bedrijventerreinen niet langer zien als geïsoleerde zones, maar als onderdelen van een groter, cross-sectoraal netwerk dat innovatie, veerkracht en maatschappelijke waarde genereert’, zegt hij.  Daarmee verschuift ook de betekenis van zulke gebieden: niet alleen wat er direct op het terrein gebeurt telt, maar ook de rol die het speelt in bredere productieketens, logistieke structuren en samenwerkingsverbanden. De universitair hoofddocent wijst daarbij op plekken als Eindhoven, Leuven, Gent, Delft en Leiden. Zulke terreinen zijn volgens hem succesvol omdat ze ‘de kracht van de stad benutten - toegang tot talent en nabijheid van politieke en financiële centra - en tegelijk genoeg ruimte bieden om echt bedrijventerrein te zijn’.  Maar, voegt hij eraan toe: ‘Ze staan nooit op zichzelf. Ze zijn onderdeel van een groter netwerk van bedrijven en terreinen.’ Meer dan BNP en werkgelegenheid Volgens Van den Berghe gaat het mis als bedrijventerreinen alleen worden verdedigd met cijfers over banen, rendement of bruto nationaal product (BNP). ‘Toch worden die terreinen vaak verdedigd met simpele argumenten: hun aandeel in het BNP of het aantal banen dat ze opleveren.'  ‘Maar dit soort argumenten zijn vooral defensief en ‘calimero achtig’.’ Daarmee blijft volgens hem buiten beeld wat bedrijventerreinen maatschappelijk en economisch mogelijk maken. Een van de voorbeelden die hij noemt, is circulariteit. Die ontstaat volgens hem lang niet altijd op één locatie, maar juist in netwerken tussen bedrijven op verschillende terreinen.  ‘Ons recente onderzoek laat bijvoorbeeld zien dat circulariteit in Nederland juist wordt gedragen door de goede samenwerking tussen bedrijven verspreid over verschillende bedrijventerreinen.’ Juist daarom is volgens de planoloog een ‘vernieuwende manier van ruimtelijk-economisch denken nodig, die verder gaat dan ‘rendement’, ‘BNP’, ‘topsector’, ‘winst’ of ‘aantal banen’. Die andere manier van denken heeft volgens hem ook gevolgen voor de ruimtelijke planning. De betekenis van zonering kan de komende jaren kantelen.  ‘Zonering zal in dit geval niet zoals vanaf de jaren 1970 zorgen voor het beperken van de ‘last’ van bedrijventerreinen, maar zonering zal er steeds meer voor zorgen dat bedrijventerreinen steeds minder 'last' hebben van de stad.’  'De kijk op bedrijventerreinen, stedelijke omgevingen en havengebieden moet anders. Beschouw ze niet als losse werelden, maar als onderdelen van hetzelfde economische en maatschappelijke systeem.'

31-03-2026
Nieuws
Eerste stap gezet richting Maritime & Seafood Campus Urk
Eerste stap gezet richting Maritime & Seafood Campus Urk

Donderdag 12 februari 2026 zetten Provincie Flevoland en gemeente Urk samen met Firda, Horizon en 10 koploperbedrijven vanuit Urk Seafood en Urk Maritime, een belangrijke eerste stap richting de ontwikkeling van een Maritime & Seafood Campus Urk (MSCU). Met het ondertekenen van een intentieverklaring spreken de partners hun gezamenlijke ambitie en inzet uit om gezamenlijk de planfase vorm te geven. Gezamenlijk bouwen aan MSCU  Op basis van een haalbaarheidsonderzoek door Berenschot en de gesprekken met zowel seafood als maritieme bedrijven, zijn de kansen en mogelijkheden voor een campus verkend. Daaruit kwam naar voren dat een kennis-, innovatie- en opleidingscentrum op het gebied van maritiem en seafood de kansen lokaal en regionaal verder versterkt. Dit wordt door alle partijen onderschreven en daarom zetten ze gezamenlijk de schouders eronder om aan de slag te gaan. De ondertekening van deze intentieverklaring markeert meer dan een formele stap; het is het startpunt van een gezamenlijke beweging. De Maritime & Seafood Campus wordt een motor voor vernieuwing, duurzaamheid en groei. De gemeente Urk heeft hiervoor een kavel gereserveerd op het nieuwe bedrijventerrein Port of Urk.”Als regio pakken we de kansen die voor ons liggen en investeren we doelgericht in de toekomst van de maritieme en seafood sector. Samen zetten we koers naar een krachtige, toekomstbestendige campus”, aldus gedeputeerde Klopman. Van intentie naar uitvoering  De intentieverklaring markeert het begin van de planfase. In deze fase werken de partners samen aan: Concretisering van de campus: uitwerken van plan, programmering, scope, functies en businesscase Samenwerkingsprogramma’s: op duurzaamheid & innovatie en human capital & talentontwikkeling De ondertekening is een belangrijke eerste stap. De echte invulling – wie gaat wat doen, welke middelen zijn er nodig en hoe komen deze beschikbaar – volgt in de komende periode. Met deze stap geven de partners een duidelijk signaal: we gaan ervoor. Samen werken we aan een toekomstbestendige campus die als vliegwiel dient voor samenwerking, innovatie, talent, en groei in de maritieme en seafoodsector in Flevoland. “Een maritieme campus is de kweekvijver voor technische innovatie en maritiem talent in onze regio." aldus Meindert-Jan de Boer – Directeur De Boer Marine. Foto: ©Fotostudio-Wierd

12-02-2026
Aanmelden nieuwsbrief