WELKOM BIJ SKBN

De Stichting Kennisalliantie Bedrijventerreinen Nederland (SKBN) is al 13 jaar het landelijk netwerk van publieke, semipublieke en private partners die zich bezighouden met ruimte voor werken. Onze stichting streeft naar een optimale regionale economie, waarbij voldoende en duurzame ruimte voor werken onontbeerlijk is.

Dit willen we bereiken door op een onafhankelijke manier kennis te delen, te bundelen en te ontwikkelen. Binnen én buiten ons netwerk. Er worden jaarlijks tientallen ontmoetingen georganiseerd met relevante kennisdeling en we leveren – gevraagd en ongevraagd – beleidsinput op basis van onze kennis en ervaring. We zijn daarmee het centrale, onafhankelijke verzamelpunt voor alle ontwikkelingen rondom fysieke werklocaties.

LEES HIER ONZE PROPOSITIE
Event
BT Event: ‘Sturende bedrijventerreinen, ruimte maken voor transities’
BT Event: ‘Sturende bedrijventerreinen, ruimte maken voor transities’

‘Sturende bedrijventerreinen – ruimte maken voor transities’ is hét thema van het 19e BT Event op donderdag 14 november in De Fabrique in Utrecht. Want naast een faciliterende rol door het accommoderen van ruimtevragen, hebben de 3800 bedrijventerreinen in Nederland als vitale infrastructuur per definitie een sturende impact op de wereld van morgen. Door te kiezen welke ruimtevragen je wel of niet accommodeert, welke activiteiten je wáár accommodeert, welke circulaire stromen je mogelijk maakt, hoe je ruimte biedt aan opwek en opslag van energie en hoe je een vruchtbare bodem legt voor innovatieclusters, kun je transities helpen versnellen. De ruimte en activiteiten op bedrijventerreinen hebben daarin een cruciale rol.  Het borgen van ruimte voor stadsverzorgende (circulaire) bedrijvigheid en praktische banen in de nabijheid van bevolkingsconcentraties, is een nadrukkelijk doel van gemeenten die bij gronduitgifte steeds vaker op maatschappelijke waardecreatie sturen.  Waar ruimte en grond al zijn vergeven, willen overheden – zo goed en kwaad als het gaat – regie terugpakken op bedrijventerreinen. Creatief omgaan met bestaande/beschikbare ruimte door beter benutten, intensiveren, stapelen en mixen vergroot zowel de maatschappelijke als economische output. Op nationaal niveau ontstaat – gevoed vanuit meervoudige schaarste – een nieuw paradigma van ‘keuzes maken’. Selectieve groei en het mogelijk afschalen van economische sectoren die veel ruimte vragen, maar een beperkte economische en maatschappelijke waarde genereren, zijn geen taboes meer. Tegelijk dringt het besef door dat bepaalde sectoren door digitale en circulaire transities juist méér ruimte nodig hebben. Denk daarbij aan grootschalige (data)logistiek, en de opslag/verwerking van reststromen. Deze relatief nieuwe ruimtevragers moeten zo goed mogelijk worden ingepast. Zowel fysiek-ruimtelijk, als binnen een duurzaam economisch-ruimtelijk systeem. Op het BT Event in Utrecht gaan we, samen met onze partners Provincie Utrecht, Gemeente Utrecht, Gemeente Amersfoort en de NV OMU, aan de slag met de sturende rol die bedrijventerreinen kunnen oppakken. Met een duidelijke focus op processen, praktische oplossingen, financierbaarheid en uitvoerbaarheid. HOUD DE CONGRESSITE IN DE GATEN VOOR MEER INFO.  

14-11-2024
Event
Seminar - De kansen voor gestapelde bedrijfsruimte
Seminar - De kansen voor gestapelde bedrijfsruimte

Door een schaarste aan grond en vele ruimtevragers, wordt er op binnenstedelijke bedrijventerreinen ruimte in de hoogte gezocht. Ook in de Metropoolregio Amsterdam (MRA) wordt er wegens een groot tekort aan betaalbaar bedrijfsvastgoed gezocht naar mogelijkheden voor meerlaags bouwen. Er liggen prachtige kansen, mits het juridisch en financieel haalbaar is. Een voorwaarde is dat de bedrijfsruimte betaalbaar blijft voor de met name stadsverzorgende bedrijvigheid en maakindustrie. HOE KUNNEN WE LEREN VAN BESTAANDE CASUSSEN EN PLANNEN, EN WAT IS ER ZOWEL FINANCIEEL ALS JURIDISCH MOGELIJK? Die vraag staat centraal tijdens het Seminar ‘De kansen van gestapelde bedrijfsruimte’, dat de MRA, Gemeente Amsterdam, PHB en SKBN organiseren op donderdag 27 juni in Amsterdam.   De hoofdvragen tijdens deze bijeenkomst zijn: Hoe ziet de businesscase van gestapelde bedrijfsruimten eruit, wat maakt deze anders dan reguliere bedrijfsruimtes? Welke instrumenten heeft de gemeente om te sturen op betaalbare gestapelde bedrijfsruimte? Hoe beweeg je de markt om gestapelde bedrijfsruimte te ontwikkelen? Wat kun je als gemeente met regulering of stimulerende maatregelen zelf doen? Wat kunnen marktpartijen en gemeenten sámen doen om een businesscase haalbaar te maken? En dat zonder toevoeging van andere (soms slecht te mengen) andere functies. PROGRAMMA (ov)   13.30 uur    Inloop met koffie/thee 14.00 uur Welkom door moderators Frank Voorbergen (PHB) en Jan Jager (Vakblad BT) 14.05 uur          Introductie op de kansen van gestapelde bedrijfsruimte Kijken naar internationale voorbeelden met Marije Groen van Buck Consultants International 14.20 uur          Twee praktijkcasussen The New Farm in Den Haag . Gemeente Den Haag (naam volgt) Makerstoren in Amsterdam . Architect Allard Meine Jansen en ontwikkelaar Ian Grey 15.00 uur          Korte pauze 15.15 uur          Grondmethodiek en financiering in relatie tot gestapeld bouwen De mogelijkheden onderzocht door Paul van Dijk van AKRO Consult 15.35 uur          Panel met de MRA, financieel expert en ontwikkelaar(s) Wat kun je samen doen om een haalbare businesscase te maken? . Bert Hesselink, CTP . Klaas T. Bakker, eigenaar/investeerder bedrijfsvastgoed . Martijn Overmulder, Gemeente Amsterdam/MRA . Jurriaan van den Eijkhof, ORAM 16.00 uur          Afronding en borrel   Facts & Figures Wanneer >> Donderdag 27 juni van 13.30 tot 16.30 uur Waar >> Gemeente Amsterdam (Huis van de Toekomst) De Entree 300, 1101 EE Amsterdam Bestemd voor >> Gemeentelijke en provinciale ambtenaren, bedrijventerreinprofessionals, ontwikkelaars bedrijfsmatig vastgoed. Kosten >> Deelname aan dit seminar is gratis voor leden van SKBN en genodigden van PHB, Gemeente Amsterdam en MRA. MELD JE AAN   Beeld: Makerstoren - UPtown Sloterdijk

27-06-2024
Event
MRDH Vastgoeddebat: ruimte voor wonen én werk in stedelijke transformatiegebieden
MRDH Vastgoeddebat: ruimte voor wonen én werk in stedelijke transformatiegebieden

Er liggen prachtige kansen voor ontwikkelaars om stedelijke transformatiegebieden zoals M4H, Schieoevers Delft en de Binckhorst nieuwe mixgebieden te realiseren van wonen én werken. Bovendien zijn dit vaak de plekken waar ruimte voor innovatieve bedrijven gewenst is. Steden wijzen in het bijzonder op het belang van voldoende betaalbare bedrijfsruimte te midden van andere functies (zoals wonen), en willen daarop sturen. Maar in de praktijk kiezen marktpartijen vaak voor wonen. Als het niet voor opbrengstmaximalisatie is, dan wel voor het sluiten van de grex. En marktpartijen gegeven vaan de voorkeur aan ‘pure play’. Óf wonen, óf werken. Ontwikkelaars onderkennen het maatschappelijke belang van gemengde omgevingen. NEPROM-voorzitter Desirée Uitzetter verklaarde op het BT Event 2023 dat het patroon van monofunctionele woonomgevingen moet worden doorbroken, om uiteindelijk betere steden te krijgen, zodat stedelingen niet alleen kunnen wonen, maar ook werken. En vitale voorzieningen onder handbereik hebben. MRDH VASTGOEDDEBAT op de PROVADA Hoe kunnen gemeente en markt optimaal samenwerken bij het realiseren van voldoende betaalbare bedrijfsruimte in stedelijke transformatiegebieden? Die vraag staat centraal tijdens het MRDH Vastgoeddebat ‘Ruimte voor wonen én werk in stedelijke transformatiegebieden’ dat de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) samen met SKBN/Vakblad BT voor economische gebiedsontwikkeling op dinsdag 11 juni op de PROVADA organiseren, om 10.00 uur in ruimte E107.   De initiatiefnemers roepen in het bijzonder vastgoedontwikkelaars op aan te schuiven bij deze ‘marktconsultatie’. Doe mee en geef samen met collega’s vanuit het gemeentelijk domein vorm aan de stad van morgen! PROGRAMMA (ov) 10.00 uur Welkom namens gastheren door moderator Jan Jager (BT) 10.05 uur Stedelijke transformatiegebieden: sturen op ruimte voor werk Korte pithces vanuit gemeenten. Hoe stuur je op betaalbare ruimte voor werk: de stok, of de wortel? Gebieden en instrumentaria onder de loep. .Programma Innovatiedistrict Delft: sturingsprincipes Jeanet van Antwerpen, programmadirecteur Innovatiedistrict Delft .M4H Rotterdam David Louwerse, gebiedsadviseur Ruimtelijke Economie Gemeente Rotterdam .Binckhorst, Den Haag (naam volgt) 10.25 uur Ontwikkelaars aan het woord: visie op ruimte voor wonen én werken Wat hebben ontwikkelaars nodig om (betaalbare) ruimte voor werken te realiseren in stedelijke mixgebieden? .NEPROM Fahid Minhas, directeur .AM Gebiedsontwikkeling Mieke Verschoor, manager Mixed Zones .SDK Vastgoed  Niels Langenhuizen, ontwikkelmanager  . Amvest Olga Wagenaar, ontwikkelmanager 10.40 uur Balanceren tussen afdwingen en stimuleren Damo Holt, financieel expert bij Rebel 10.55 uur Gezamenlijke roundup: actieagenda 2025-2030 11.00 uur Einde – Lunch op stand Gemeente Den Haag/Rotterdam   PRAKTISCHE INFORMATIE Wat: BT-SKBN/MRDH Vastgoeddebat: ruimte voor wonen én werk in stedelijke transformatiegebieden Datum: Dinsdag 11 juni, 10.00 – 11.00 uur; Locatie: PROVADA, zaal E107 Voor wie: Iedereen die op de PROVADA aanwezig is en gelooft in gebalanceerde steden en ook zelf, dan wel met ontwikkelpartners, meer wil ontwikkelen dan huizen alleen. Kosten: Geen, wel dien je een toegangsticket voor de PROVADA te hebben. Aanmelden: Niet nodig, iedereen welkom tot zover de zaalcapaciteit toelaat. Meer informatie: Mieke Naus, [email protected]    

11-06-2024
Nieuws
Reactie van SKBN op het nieuw Regeerakkoord
Reactie van SKBN op het nieuw Regeerakkoord

‘Economisch motorblok bedrijventerreinen verdient ook in nieuwe Regeerakkoord aandacht om brede welvaart mogelijk te maken!’ Het belang van bedrijventerreinen als economisch motorblok wordt nog niet genoemd in het nieuwe Regeerakkoord op hoofdlijnen. Positief al die fiscale maatregelen voor ondernemend Nederland en ook positief de aandacht voor ons vestigingsklimaat. Deze positieve houding zien we ook terug in de reactie van ondernemend minnend Nederland. Echter, met fiscale maatregelen alleen creëer je geen ruimte waar ondernemers zich kunnen vestigen en uitbreiden. En juist ruimte is een schaars goed in Nederland. Net zoals energie en binnenkort ook water. We spreken dan ook de verwachting uit dat het onderwerp bedrijventerreinen, dan wel werklocaties, een belangrijk onderdeel wordt van de uitwerking van het regeerakkoord. De Stichting Kennisalliantie Bedrijventerreinen Nederland (SKBN) pleit al langer voor een economische en maatschappelijke herwaardering van werklocaties. Aanbevelingen Het nieuwe Regeerakkoord is nog met nadruk een akkoord op hoofdlijnen dat nog verder uitgewerkt dient te worden. Vandaar dat SKBN de volgende aanbevelingen doet om de maatschappelijke en economische betekenis van bedrijventerreinen te optimaliseren in de verdere uitwerking van het regeerakkoord:   Overheden doen er verstandig aan om in kaart te brengen welke plannen leven bij de (maak)industrie, zodat ze daar in hun ruimtelijke planning nadrukkelijk rekening mee kunnen houden.   Bedrijventerreinen dienen een wezenlijk onderdeel te zijn van de regiodeals c.q. regionale investeringsagenda’s. Zowel in het programmeren van de kwantiteit en kwaliteit, als ook in het investeren op bestaande terreinen om deze schoon, heel en veilig te krijgen. Dit vraag ook afstemming van de plannen tussen regio’s en provincies. Extra aandacht voor de regionale investeringsagenda’s is van groot belang en zal leiden tot goede situatie-afhankelijke oplossingen. Zeker indien ook regie wordt gevoerd over de juiste richting en er een gelijk speelveld field wordt gecreëerd op nationaal niveau. Regio’s komen op die manier niet in de verleiding om elkaar te beconcurreren, maar elkaar te stimuleren om tot goede woonwerkbalansen te komen. Juist deze samenhang en samenwerking tussen de diverse overheidsniveaus vraagt extra aandacht en regie om voldoende ruimte te behouden voor werken in Nederland.   Overheden kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan het beter benutten van bedrijventerreinen op nationaal en regionaal niveau, maar dat vraagt ook voldoende financiële slagkracht om samen met de markt te kunnen investeren en meefinancieren in de herontwikkeling van bedrijventerreinen.   Een zorgvuldige planning én inpassing binnen de regio‘s is wenselijk voor nieuwe logistieke centra. Stadsdistributie, regionaal gebonden logistiek of meer ‘footloose’ logistiek verschillen wezenlijk qua functie en nabijheid. De SKBN pleit voor duidelijke kaders met het oog op verduurzaming, landschappelijke kwaliteit en economische waarden onder meer zoals het GRIP die heeft uitgewerkt.   Overheden moeten werk maken van de circulaire economie en doen er verstandig aan om zuinig te zijn op bedrijventerreinen die hier goed voor zijn geëquipeerd: voldoende grote kavels, hoge Hinderwet-categorieën en goed ontsloten (weg ,water en/of spoor). Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) onderstreept deze ruimtebehoefte en voorspelt in al haar scenario’s voor 2050 een toenemende vraag naar ruimte voor bedrijvigheid door de overstap van een lineaire naar een circulaire economie. Noodzakelijk in termen van duurzaamheid én economische onafhankelijkheid.   Ook leveren bedrijventerreinen nu en in de toekomst een belangrijke bijdrage aan het oplossen van de acute netcongestie en de energietransitie op de lange termijn. De mogelijkheden van bedrijventerreinen voor een goed elektriciteitsbeheer worden nog onderbenut. Deze kansen zijn op bedrijventerreinen ook zeker sneller te realiseren dan het aanpakken van het energievraagstuk in bestaande woonwijken. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor het creëren van ruimte voor waterberging.   Natuurlijk is het creëren van woningen van belang in Nederland. Echter met het uitbouwen van de woonfunctie zien we ook een toename van de benodigde werkfunctie. Ook woningbouwcoöperaties geven aan dat de beste woonbestemmingen juist ook panden (lees werklocaties) omvatten die de leefbaarheid en sociale cohesie van een wijk verbeteren. Eenzijdig binnenstedelijke werklocaties ombouwen naar woonlocaties is geen bestendige oplossing. Creëer win-win situaties op die locaties door het combineren van wonen met stedelijke bedrijventerreinen. Hierdoor wordt tegengegaan dat de productieve arbeid van praktisch geschoolden naar slechter bereikbare locaties aan de randen van de stad, of verder de regio in wordt verplaatst.   Lees hier de achtergrond bij deze aanbevelingen.

23-05-2024
Nieuws
‘Prijskaartje groen bedrijventerrein hoeft niet hoog te liggen’
‘Prijskaartje groen bedrijventerrein hoeft niet hoog te liggen’

Het vergroenen van bedrijventerreinen is niet alleen complex, er hangt ook een flink prijskaartje aan. Tijd om over dat prijskaartje te communiceren, zeggen zowel ondernemers als ambtenaren op de zesde bijeenkomst van de Groene Gezonde Bedrijventerreinen Estafette in Roermond. Want met goede samenwerking hoeft dat prijskaartje helemaal niet zo hoog te liggen. Het vergroenen, klimaatadaptief en biodivers inrichten van bestaande bedrijventerreinen staat nog altijd in de kinderschoenen, dat is een van de conclusies van Vanessa Zilvertand van Ontwikkelingsmaatschappij Limburg. Ook op bedrijventerrein Roerstreek, in de gemeente Roermond, kan nog veel gedaan worden. Met eigen parkmanagement is er regie, maar op het vlak van vergroenen werd nog niet intensief samengewerkt. Daar komt nu verandering in, is te zien op de bijeenkomst van de Groene Gezonde Bedrijventerreinen Estafette (GGBE). Momenteel voert idverde, groenpartij en een van de bedrijven op Roerstreek, een haalbaarheidsstudie uit voor bedrijventerrein Roerstreek, vertelt Zilvertand. Ook hier in Roermond weten ze al langer dat groene, gezonde bedrijventerreinen de beste toekomst hebben. Hier willen werknemers werken, maar wel als werk gemaakt wordt van steeds voelbaardere thema’s als hittestress. Ondernemers van Roerstreek zijn dan ook begonnen met het onderzoeken van hun eigen kansen en knelpunten, via de studie van idverde. Deze kansen en knelpunten worden onderverdeeld in de categorieën klimaatadaptatie, biodiversiteit en de leefbaarheid voor medewerkers op het bedrijventerrein. Zij zijn soms duidelijk zichtbaar, maar begeven zich ook ondergronds. Het planten van extra bomen voor schaduw en hittereductie is tenslotte een stuk minder realistisch als daarvoor ook nog eens essentiële bekabeling moet wijken.   Extra bomen is een stuk minder realistisch als daarvoor bekabeling moet wijken   Nadat de kansen en knelpunten bekend zijn, start het nadenken over de mogelijke vergroeningsmaatregelen. Hierover buigen zich zowel de gemeente én de ondernemers op het bedrijventerrein. Zij zoeken naar quick wins ofwel laaghangend fruit, maar zeker ook naar grootschaligere en meer impactvolle maatregelen. Enkele impressies zijn al uitgewerkt om ondernemers op de estafettebijeenkomst een beeld te geven van dergelijke winsten. Het eindresultaat is een toolbox, waarin ondernemers kunnen ontdekken wat zij op de korte en lange termijn kunnen doen. Verplichting Ondernemers stimuleren begint vaak simpelweg met communiceren, een lijntje uitgooien, zegt Anne-Marie Bor van Stichting Adaptie Atelier. De stichting is het initiatief van de gemeenten Enschede, Roeselare, Harderwijk en Antwerpen, die eerder in een andere kerngroep met meerdere gemeenten bijeenkwamen. Wanneer sprake is van actieve communicatie tussen ondernemers en de gemeente, is het tijd voor financiële prikkels. Die zijn nodig, aldus Bor. Ook moeten ondernemers perspectief krijgen op welk termijn een vergroend, gezonder bedrijventerrein een verplichting wordt. ‘Een goed voorbeeld is de gemeente Son en Breugel, die graag zag dat ondernemers op bedrijventerreinen het regenwater bij hun eigen panden afkoppelden. Zij lieten ondernemers weten: over 10 jaar is het verplicht, maar elk jaar dat je eerder bent afgekoppeld, krijg je een korting.’ Een deelnemer uit de zaal vult aan: internationale ondernemers, gevestigd op Nederlandse bedrijventerreinen, zijn in het bijzonder gevoeliger voor het communiceren over de combinatie tussen toekomstige verplichting en een “wortel” voor wie vooruitloopt.   Afkoppeling is over 10 jaar verplicht, maar voor elk jaar eerder krijg je een korting   Het is desalniettemin lastig om ondernemers op privaat terrein te laten versnellen in het klimaatbestendig en natuurinclusief inrichten van hun werkplek. ‘In de Stichting Adaptie Atelier is en wordt gekeken naar financiële prikkels die gemeenten kunnen bieden aan ondernemers op bedrijventerreinen.’ Het vergroenen van Roerstreek wordt ondersteund door de gemeente, onder andere door middel van subsidie. Ook wordt nagedacht over het schenken van bomen. Een financiële prikkel kan net zo goed het aanbieden van een dienst zijn, klinkt op de bijeenkomst in Roermond, zoals het aanbieden van een tegeltaxi, waarmee weggehaalde verharding door de gemeente gratis kan worden opgehaald. Financiële sector Ook de financiële sector stapt steeds vaker naar voren om bedrijventerreinen die transitie te laten doorlopen. Zij hebben immers een belang, want veel van hun klanten zijn ondernemers en een klimaatadaptief ingericht bedrijventerrein kan economisch ook veel opleveren. Wat kunnen banken, verzekeraars en pensioenfondsen bijdragen? Ook Vylon Ooms, beleidsadviseur bij het Verbond van Verzekeraars, hamert erop dat goede communicatie dé sleutel is om ondernemers te laten verduurzamen en te vergroenen. ‘Het helpt enorm als ook verzekeraars hun klanten benaderen over wat zij kunnen bijdragen aan een leefbaardere werklocatie en dat zij hun boodschap verkondigen zij aan zij met die van de overheid.’ Ondernemers reageren minder sterk op klimaatrisico’s en toenemende effecten zoals hittestress. Ondanks de juist relatief hoge perceptie van klimaatrisico’s. Dit heeft veelal te maken met het vestigingsklimaat op en rondom een bedrijventerrein, dat elders lang duurt om opnieuw op te bouwen. Juist daarom, zegt Ooms, is het belangrijk voor financiële partijen om ondernemers erop te wijzen wat zij kunnen doen om dat vestigingsklimaat dan in ieder geval te beschermen. In een schema, waarin een verdeling wordt gemaakt tussen nieuwbouw en bestaande bouw, laat Ooms een scala aan mogelijke ingrepen zien die naast biodiversiteit ook helpen om klimaatadaptiever te worden. Op bedrijventerreinen kan worden nagedacht over het kiezen van waterbestendige materialen, wadi’s of zelfs een lokale waterkering. ‘Overheden en verzekeraars kunnen in advies bijdragen, maar natuurlijk altijd wel in combinatie met financiële prikkels’, voegt Ooms toe. Vanuit gemeenten zijn vooral de subsidies van gemeenten, provincies en waterschappen bekend, maar wie kent de groenregeling (Regeling Groenprojecten), groene leges en de duurzame rioolheffing? Verzekeraars hebben ook veel financiële instrumenten tot hun beschikking om hun klanten gericht te ondersteunen in hun vergroeningsproces. Zo bestaan er heel wat kortingen, zoals de rente-, inkoop- en premiekortingen, kunnen verzekeraars gratis advies geven en zijn er groene obligaties. Ooms hoopt dat in Nederland hard wordt doorgewerkt aan klimaatadaptatie en biodiversiteit voor het te laat is, maar hij is vooral hoopvol over klimaatadaptief herstel van locaties als bedrijventerreinen. ‘We zouden eigenlijk moeten borgen in wetgeving dat herstelwerkzaamheden klimaatadaptief gebeuren, zodat zoiets niet nog eens kan gebeuren.’ BIZ Op de bijeenkomst in Roermond is een praktijkvoorbeeld in Eindhoven aangehaald, de stad waar de Groene Gezonde Bedrijventerreinen Estafette de eerste bijeenkomst had. Hier wordt een steeds populairdere constructie gebruikt waarmee georganiseerde ondernemers op een bedrijventerrein slagvaardiger kunnen omgaan met biodiversiteits- en klimaatadaptieve ambities: de bedrijveninvesteringszone (BIZ). Met een BIZ kan een volgende stap gezet worden in de opgaven Op bedrijventerrein De Hurk werd zo’n BIZ in 2023 opgericht. Eric Duffhuis, parkmanager van het bedrijventerrein, chargeert wellicht een beetje als hij vertelt over de lange Brabantse historie van ‘elkaar opzoeken en elkaar iets gunnen via de bier- en borrelclub op het bedrijventerrein’, maar op De Hurk wordt met die constructie resultaat geboekt. Er wordt gestructureerd samengewerkt aan de transitie naar een aantrekkelijker bedrijventerrein in 2050. Met de BIZ kan volgens Duffhuis een volgende stap gezet worden in de opgaven, een professionaliseringsslag, doordat een grote groep ondernemers consensus bereikt over de koers die zij willen varen op groene thema’s. ‘We borgen en bouwen uit wat er al is, maar met de BIZ komt er een focus op gezamenlijke, lange- en kortetermijndoelen. We zijn nu een sterke gesprekspartner voor de politiek, omliggende gebieden en externe organisaties.’ Er is veel draagvlak voor de samenwerking. Meer dan de helft van de WOZ-waarde op De Hurk zit aan tafel bij netwerksessies en sessies voor kennisdeling. Het draagvlak voor klimaatadaptieve maatregelen kan ook worden verklaard door de wettelijke draagvlakeisen die zijn opgesteld. Een nieuwe maatregel ziet enkel het licht als minimaal 50 procent van ‘bijdrageverplichtingen’ een stem uitbrengt, minstens twee derde stemt voor en tot slot moet de opgetelde waarde van WOZ-objecten van voorstemmers hoger zijn dan die van de tegenstemmers. De BIZ lijkt dus de ideale manier om ondernemers te organiseren, al waarschuwt Duffhuis ervoor dat er veel bij komt kijken. ‘Niet overal landt de BIZ, daar moet wel echt samenhang en ambitie voor zijn. Op Eindhoven Airport heb ik laatst nog geadviseerd om het toch niet te doen.’ Dit artikel werd geschreven door Jesse Kiel naar aanleiding van de Groene Gezonde Bedrijventerreinen Estafette op 8 april in Roermond en wordt gepubloceerd in vakblad Groen.  

06-05-2024
Nieuws
2 jaar virtueel net Schiphol Trade Park: bewezen oplossing voor netcongestie
2 jaar virtueel net Schiphol Trade Park: bewezen oplossing voor netcongestie

Twee jaar geleden lanceerden de ondernemers op Schiphol Trade Park samen met netbeheerder Liander de eerste innovatieve collectieve oplossing in Nederland voor netcongestie: het virtueel net. En met succes. Alle bedrijven in het Energie Collectief Schiphol Trade Park zijn operationeel, breiden uit en elektrificeren, ondanks de netcongestie in het gebied. Wat begon als een urgent probleem, is uitgegroeid tot een solide Energy Hub. Arno Jansen, voorzitter Energie Collectief Schiphol Trade Park namens SADC, gebiedsontwikkelaar van Schiphol Trade Park: “We zijn natuurlijk heel blij dat het systeem zich bewezen heeft, maar we zitten niet stil. We ontwikkelen nog steeds door om ook nieuwe mogelijkheden te integreren.” 2.104 MWh aan levering mogelijk gemaakt door het virtuele net Na twee jaar waarin alle bedrijven zijn aangesloten en alle seizoenen en weersomstandigheden voorbij zijn gekomen, is de balans opgemaakt. Het collectief wordt goed benut: in 2023 is 2.104 MWh van het verbruik van de bedrijven (34,5% van hun totale jaargebruik) mogelijk gemaakt door het delen van de capaciteit binnen het virtuele net. Zonder deze oplossing hadden heel veel individueel stuurbare energiesystemen, zoals batterijen en generatoren, deze elektriciteit moeten leveren. In het collectief nemen in totaal zeven bedrijven deel die weinig of geen netcapaciteit hebben. Dankzij deze slimme oplossing kunnen de bedrijven gebruikmaken van elkaars gecontracteerde capaciteit.*  Eelco Ouwerkerk, bestuurslid van het collectief namens SEGRO Netherlands B.V.: “Wij hadden geen directe nadelige invloed van de netcongestie. Als eigenaar van het eerste gebouw en dus als eerste ‘bewoner’ van Schiphol Trade Park hebben onze gebruikers destijds nog wel voldoende capaciteit kunnen contracteren. Het was voor SEGRO echter een no-brainer om wel deel te nemen aan dit initiatief, omdat dit zich zonder samenwerking niet laat oplossen en wij ook inzien dat een innovatieve aanpak nodig is om de energietransitie te versnellen.”  Achtervang Om zeker te zijn van voldoende elektriciteit binnen de gestelde limieten hebben meerdere bedrijven geïnvesteerd in batterijen en gas- en dieselgeneratoren. Het collectief gebruikt die middelen als er een tekort aan capaciteit is. De generatoren dienen vooral als achtervang. De software van Spectral voorspelt of de aangesloten batterijen kunnen voorzien in het verwachte moment van schaarste. Als de batterij niet voldoende is, schakelt het systeem automatisch een generator in. In heel 2023 is er twee keer een generator ingezet om binnen de netlimiet te blijven, voor in totaal 2 uur. Toen de generatoren aangingen waren de batterijen nog niet operationeel, anders waren die generatoren waarschijnlijk niet nodig geweest. 842 ton CO2 minder uitstoot Zonder virtueel net hadden deze partijen moeten investeren in elk een eigen generator (en eventuele back-up generator). Die generatoren hadden gezamenlijk tot 31.000 draaiuren moeten maken. Dat is gelukkig voorkomen. Er is hiermee voor 468.000 m3 minder gas verbruikt, en daardoor is er lokaal 842 ton CO2 minder uitgestoten door generatoren. Stefan Kop, lead energy consultant bij Spectral: “Innovaties zoals deze zijn niet mogelijk zonder bedrijven die van de gebaande paden durven te treden. Ik ben er trots op dat SADC, netbeheerder Liander en de ondernemers op Schiphol Trade Park die sprong met ons hebben durven wagen. Met Schiphol Trade Park waren wij de eersten met een dergelijke oplossing in Nederland en mogelijk zelfs daarbuiten. En het belangrijkste: de oplossing werkt, met positieve resultaten tot gevolg. Ik kijk uit naar het verder optimaliseren en doorontwikkelen van de oplossing, samen met de ondernemers op Schiphol Trade Park.” Doorontwikkeling Sinds de implementatie van het virtueel net in april 2022 hebben het projectteam van SADC, het Energie Collectief en softwareontwikkelaar Spectral niet stilgezeten. Naast dat het huidige systeem is geoptimaliseerd, wordt er ook gewerkt aan vier nieuwe sporen: Optimalisaties bij individuele bedrijven ten behoeve van het verschuiven van pieken (load-balancing op basis van data) Zero-emissie laadinfrastructuur (faciliteit voor het laden van elektrische vrachtwagens) Virtual energy exchange (onderlinge levering van stroom) Optimalisatie virtuele net (verbeteren van inzicht met meer data, inzet van de assets en uitbreiden van de digital twin) Arno Jansen: “We willen ook hiermee vooruit lopen. Want het kan natuurlijk nog heel veel mooier. Nog duurzamer. En toekomstgerichter. Het is mooi te zien hoe alle bedrijven en betrokkenen dezelfde drive hebben om koploper te blijven. Dit is niet voor niks het meest duurzame logistieke business park van de wereld!” * Hoe werkt het virtueel net op Schiphol Trade Park ook alweer? Bedrijven delen de capaciteit op het bestaande net, waardoor ze minder last hebben van de bestaande netcongestie en klaar zijn voor een duurzame toekomst. De capaciteit in het huidige stroomnet wordt lang niet altijd volledig benut en alleen tijdens piekmomenten is er sprake van onvoldoende transportcapaciteit. Dit betekent dat er op momenten van onderbenutting  ‘vrije ruimte’ is voor alle bedrijven op Schiphol Trade Park om gebruik van het net te maken. Binnen het Energie Collectief Schiphol Trade Park worden partijen mét en partijen zónder stroomcapaciteit in een virtueel net (een laag over het bestaande net) samengebracht en delen zij de beschikbare capaciteit met elkaar. Vraag en aanbod wordt real time door de software optimaal op elkaar afgestemd. Het systeem leest continu de slimme meters uit en stuurt de energiesystemen (zoals zonnepanelen, energieopslag, en generatoren) achter de meter aan.  Lees hier meer over het de energy hub en/of bekijk er de animatie. Foto: iStock - metamorworks

30-04-2024